De release strandde pas na een volledige multi-arch build op
"401 Unauthorized" van de registry, en bleef daarvoor minuten hangen op een
SSH-wachtwoordprompt bij de tag-controle. Beide checks staan nu vooraan.
- Stap 1 heet nu "Controles (tags + registry-login)" en test achtereenvolgens:
bestaat de tag al lokaal, is origin bereikbaar, bestaat de tag al op origin,
bestaat het image al, en is er een geldige registry-login
- Registry-login: wanneer REGISTRY_USER en REGISTRY_TOKEN (of GITEA_TOKEN)
gezet zijn logt het script zelf in via --password-stdin, anders stopt het met
instructies. dev.ps1 push doet dezelfde controle
- Git draait met GIT_SSH_COMMAND="ssh -o BatchMode=yes -o ConnectTimeout=10",
dus geen hangende prompts meer; bij geen toegang een uitleg met het
https-alternatief
- Scripts eindigen expliciet met exit 0 (anders lekt de exitcode van het
laatste docker-commando door), en een -DryRun meldt in de slotregel dat er
niets is gepubliceerd
- BEHEER.md: registry-login met token en de REGISTRY_USER/REGISTRY_TOKEN route
Co-Authored-By: Claude Opus 5 (1M context) <noreply@anthropic.com>
De Express-app serveert nu zelf de gebouwde Vite-frontend op / met een
SPA-fallback naar index.html; de aparte nginx-container is vervallen.
Bedoeld voor self-hosting op een Raspberry Pi: één image, één origin,
geen interne proxy en geen CORS tussen frontend en API.
Docker
- Nieuwe multi-stage Dockerfile in de root met targets test, development
en production; frontend/Dockerfile, frontend/nginx-spa.conf en
backend/Dockerfile verwijderd
- docker-compose.yml: alleen app + postgres, app publiceert APP_PORT
(standaard 3400) naar containerpoort 3001
- docker-compose.dev.yml: dev-container draait API (node --watch) en de
Vite dev-server samen via docker/dev-entrypoint.sh, hot reload intact
- .dockerignore, .env.example, .gitignore en .gitattributes toegevoegd
Backend
- express.static + SPA-fallback op STATIC_DIR (default /app/public), met
immutable caching voor gehashte assets en no-store voor index.html
- Rate limiting alleen nog op /api — statische bestanden liepen anders na
200 requests tegen de limiet aan
- Helmet CSP toegespitst op wat de frontend laadt (Google Fonts, inline
styles, base64-avatars); upgrade-insecure-requests uit voor intern http
- Schema-init verplaatst naar initDb(), niet meer bij import van db.js
Tests en CI/CD
- backend/test/app.test.js: 11 tests (node --test) voor API-routes,
SPA-fallback, cache- en security-headers, zonder database
- test.ps1 / test.sh: backend-tests, productiebuild en smoketest op de
echte app + postgres stack
- azure-pipelines.yml: Test -> Build (incl. smoketest) -> Publish
(multi-arch amd64 + arm64, alleen op main/master of een tag)
Scripts en documentatie
- dev.ps1/dev.sh met targets app en postgres, acties logs en test;
dev.ps1 up wist de dev-database niet langer (alleen dev.ps1 down)
- release.ps1/release.sh bouwen één image voor amd64 + arm64 en draaien
de testsuite vóór het publiceren
- README.md en BEHEER.md bijgewerkt voor de nieuwe structuur
Co-Authored-By: Claude Opus 5 (1M context) <noreply@anthropic.com>
Basislijn van de bestaande applicatie (Vite/React frontend, Express
backend, PostgreSQL) zoals die in de index stond, plus dev-, release-
en documentatiescripts.
Co-Authored-By: Claude Opus 5 (1M context) <noreply@anthropic.com>